Computer- en internetgebruik bij land- en tuinbouwers (Lips Jolien)

Taragola, N. (Copromotor)

    Activiteit: OverigeAndere soorten (prijzen, externe en andere activiteiten) - (Co)promotor bachelorthesis

    Beschrijving

    De administratie van de land- en tuinbouwers is tegenwoordig heel complex en vraagt veel tijd om in orde te houden. Daarom worden meer en meer online toepassingen ter beschikking gesteld om te kunnen voldoen aan de administratieve verplichtingen. Het gebruik van deze online toepassingen is echter niet altijd evident voor iedere land- en tuinbouwer. Om hierover meer inzicht te bekomen werd in samenwerking met de vzw Boeren op een Kruispunt een onderzoek opgestart naar het computer- en internetgebruik bij Vlaamse land- en tuinbouwers. Jolien Lips, laatsstejaarstudente opleiding Agro- en biotechnologie aan de Katholieke Hogeschool Sint- Lieven in Sint- Niklaas, voerde het onderzoek uit.

    De enquête voor het onderzoek werd opgesteld in samenwerking met Nicole Taragola van het ILVO (Eenheid Landbouw en Maatschappij), die in 2005 een onderzoek uitgevoerde naar het computer- en internetgebruik bij Vlaamse tuinbouwers. In het eindwerk werd deze enquête overgenomen mits enkele aanpassingen.

    Naast het onderzoek van het ILVO zijn de gegevens ook gebaseerd op de resultaten van de landbouwenquête van mei 2008 van de Algemene directie Statistiek en Economische Informatie van de FOD Economie. Hieruit blijkt dat 53 % van de Vlaamse land- en tuinbouwbedrijven geen computer gebruikt. In absolute cijfers betekent dit dat 16 310 van de 30 666 bedrijven geen computer hebben voor bedrijfsdoeleinden. De niet-computergebruikers zijn opgesplitst per leeftijdscategorie van de bedrijfsleider. De eerste groep bedrijfsleiders zijn jonger dan 35 jaar. Van deze leeftijdscategorie gebruikt 24 % geen computer. 29 % van de bedrijfsleiders tussen de 35 en 45 jaar gebruikt geen computer. Van de groep bedrijfsleiders van 45 tot 55 jaar maakt 41 % geen gebruik van een computer. De voorlaatste groep zijn de bedrijfsleiders tussen de 55 en 65 jaar, waarvan 65 % niet met de computer werkt. De grootste groep niet-computergebruikers zijn de bedrijfsleiders van 65 jaar of ouders, waarvan 90 % geen gebruik maakt van een computer.


    De enquête werd verstuurd naar ongeveer 1 200 Vlaamse land- en tuinbouwers. Hiervan zijn er 497 bruikbare enquêtes verwerkt. De enquêtes werden op drie verschillende manieren verspreid, via infovergaderingen van vzw Boeren op een Kruispunt, via een websitelink en op de landbouwbeurs Agribex. Van de 497 enquêtes heeft de vzw 297 enquêtes ontvangen via de Post, 172 enquêtes via de websitelink en er werden 50 mondelinge enquêtes afgenomen tijdens de landbouwbeurs Agribex.

    De enquête informeerde naar de bedrijfsgegevens, de aanwezigheid van een computer, het huidige gebruik en de beschikbaarheid van computer- en internettoepassingen, de redenen om geen computer te gebruiken en de gevolgen voor niet-computergebruikers. De vzw Boeren op een Kruispunt wou vooral weten hoe de computer gebruikt wordt voor bedrijfsdoeleinden en daarnaast welke toepassingen onvoldoende beschikbaar zijn op het internet. Het is voor de vzw ook belangrijk te weten welke redenen de niet-computergebruikers hebben om niet met de computer te werken.
    De 14 356 bedrijven waarvan de land- en tuinbouwers wel een computer gebruiken, gebruiken deze de computer voor verschillende internettoepassingen. Ongeveer 65 % zoekt af en toe of regelmatig informatie op van de overheid. De overige 25 % zoekt dikwijls of zeer veel informatie op over de overheid.
    Een veel gebruikte toepassing is zeker de online banking. Meer dan de helft van de geënquêteerden (57 %) doet zijn financiële verrichtingen via de onlinetoepassingen van hun bank. Slechts 7 % maakt af en toe of gewoon geen gebruik van online banking.
    Uit het huidige gebruik van de verschillende internettoepassingen blijkt dat het weerbericht in het algemeen veel gebruikt wordt: 23 % bekijkt zeer veel, dikwijls of regelmatig het weerbericht via het internet.
    De frequentie van opzoekingen naar prijzen en opbrengsten van de geproduceerde producten is gelijk verdeeld. Het antwoord “zeer veel” heeft het laagste percentage, namelijk . ongeveer 10 % voor beide toepassingen. Dit is te verklaren doordat dergelijke info moeilijk te vinden is op het internet. Vijfentwintig procent zoekt regelmatig info op over de prijzen en opbrengsten van de eigen geproduceerde producten.

    29 % van de geënquêteerden vindt dat er onvoldoende info te vinden is over het weerbericht via het internet. Meer dan 20 % vindt te weinig informatie over prijzen van machines en bestrijdingsmiddelen. Minder dan 10 % vindt onvoldoende informatie van de overheid. Tussen de 12 % en 15 % vindt te weinig informatie over de prijs en/of de opbrengsten van hun eigen geproduceerde producten.


    In de enquête konden de niet-computergebruikers de redenen aanduiden waarom ze niet met de computer werken. De bijzonderste reden is "gebrek aan opleiding‟: 15% werkt daardoor niet met de computer, aangevuld met 11 % die gewoon niet kan werken met de computer. Elf procent heeft „te weinig tijd om met de computer te werken‟ en 10 % vindt het „te veel werk om alle nodige databases in te voeren‟. Daarnaast vindt 8 % dat werken met een computer te moeilijk is; een computer is gebruiksonvriendelijk.

    Land- en tuinbouwers die niet werken met de computer ondervinden natuurlijk gevolgen. Op deze vraag zijn er drie opvallende antwoorden gevonden. Negenendertig procent van alle geënquêteerden vindt dat deze bedrijven „niet mee zullen zijn met hun tijd‟. Daarnaast vindt 26 % dat deze bedrijven hun concurrentiekracht en/of effectiviteit zullen verliezen. Als laatste heeft 18 % geantwoord dat deze bedrijven uit de sector zullen verdwijnen.


    Op basis van de thesis worden volgende beleidsaanbevelingen gedaan :


    Met een eerste voorstel wil men niet-computergebruikers toch stimuleren om de computer te gebruiken. Hiervoor wordt voorgesteld om computerlessen te organiseren en deze lessen te laten geven door land- en tuinbouwers die goed kunnen werken met een computer en het internet.

    Het tweede voorstel richt zich op het drukken van de kostprijs. De aankoop van een computer met de bijhorende programma‟s is duur. Voor dit probleem zijn er al oplossingen van de overheid.

    De informatie rond administratieve verplichtingen is niet voor iedere boer en tuinder toegankelijk. Het derde voorstel is daarom een algemene portaalwebsite te creëren voor de land- en tuinbouwers. Deze algemene website zal interessante links bevatten naar alle instanties die er zijn voor de land- en tuinbouwsector.

    Periode20092010
    Gehouden opKaHo, België