Bepalen van de optimale bezettingsdichtheid van landbouwhuisdieren gehuisvest in groep in relatie tot ruimtelijke behoeften, bedrijfsrendabiliteit en maatschappelijke acceptatie

  • Tuyttens, Frank (Projectbegeleider)
  • Buijs, Stephanie, (Voormalig Projectverantwoordelijke)
  • Maertens, Luc, (Voormalig Onderzoeker)

    Projectdetails

    Beschrijving

    Centrale onderzoeksvraag/doel
    Hoe beïnvloedt het aantal dieren per vierkante meter het welzijn en de productie van vleeskippen en vleeskonijnen? Vanaf welke dichtheid verandert hun gedrag? Wanneer krijgen ze gezondheidsproblemen? Tot op welke ruimtegrens zetten ze hun voeder nog efficiënt om? Als een bepaalde dichtheid geen negatieve impact heeft op bovenstaande parameters, betekent dit dan ook dat de dieren zoveel ruimte hebben als zij zelf wensen? Hoe belangrijk vinden dieren het om te beschikken over (meer) ruimte?

    Onderzoeksaanpak
    We voeren drie opeenvolgende experimenten uit. In het eerste experiment huisvesten we vleeskippen bij acht verschillende dichtheden tussen de 2.4 en de 21.8 dieren/m2. We meten hun groei en voedergebruik, alsook een breed scala aan welzijnsparameters. We observeren hoe de dieren zich over de ruimte verspreiden, om hier uit af te leiden wat de door hen gewenste hoeveelheid ruimte is. In het tweede experiment passen we een vergelijkbare opzet toe op vleeskonijnen, die we bij 7 verschillende dichtheden tussen de 5 en de 20 dieren/m2 huisvesten. In het derde experiment gaan we na in welke mate vleeskippen bereid zijn om te werken voor extra ruimte. Daaruit leiden we af hoe belangrijk zij (extra) ruimte vinden.

    Relevantie/Valorisatie
    We hebben opmerkelijke resultaten opgetekend: alleen bij zeer hoge dichtheden hebben we een negatief effect geregistreerd op productie (groei en voederverbruik). Daarentegen hebben we bij de vleeskippen aangetoond dat hogere dichtheid veel sneller leidt tot een verstoring van het rustgedrag, zwakkere poten met meer afwijkingen en meer voetzoolaandoeningen. Voor de vleeskonijnen zijn de verschillen in gedrag en gezondheid minder uitgesproken. We hebben wel vastgesteld dat de konijnen zich minder symmetrisch ontwikkelen bij een hogere dichtheid, wat kan wijzen op verhoogde stressniveaus. Analyse van de verspreiding van de dieren over hun hok toont dat vleeskippen al bij 6 dieren/m2 meer ruimte wensen dan zij bij deze dichtheid tot hun beschikking hadden. Bij de konijnen lag dit kantelpunt bij een dichtheid van 10 dieren/m2. De vleeskippen blijken tevens bereid om hard te werken om meer ruimte te krijgen, wat aangeeft dat extra ruimte belangrijk is voor hen.

    Financiering
    Collectief 'Eigen Inbreng'
    IWT - Instituut voor de aanmoediging door wetenschap en technologie in Vlaanderen

    Externe partner(s)
    UGent
    AcroniemKUIKVLEK
    StatusVoltooid
    Effectieve start/einddatum1/08/0631/10/11